De mooiste dingen beginnen klein - het ontstaan van OncoZON

In 2009 voerde internist-oncoloog prof. dr. Vivianne Tjan-Heijnen vanuit het Maastricht UMC+ de eerste gesprekken met collega’s over de opzet van een regionaal oncologisch netwerk. “Samenwerking was nodig en hing in de lucht, maar het ging niet vanzelf”, vertelt Vivianne. Máxima MC sloot als één van de eerste ziekenhuizen aan. Internist-oncoloog dr. Art Vreugdenhil: “De grote complexiteit van ons vakgebied, de vele soorten kanker en het rappe tempo waarmee behandeltechnieken zich ontwikkelen, maken dat samenwerking in de regio de enige juiste beslissing was en is.”

“Het volgende verhaal uit onze dagelijkse praktijk is een mooi voorbeeld van de kracht van ons netwerk”, stelt Art. “Er waren bij het Máxima MC twee patiënten met primaire leverkanker. Dat komt niet zo vaak voor. Ze kwamen in aanmerking voor immuuntherapie en dat zou in Maastricht moeten plaatsvinden, maar ze wilden er liever niet voor reizen. Doordat we konden aantonen hoe Maastricht ons op dit vakgebied ondersteunt en omdat Máxima MC veel ervaring heeft met immuuntherapie, was de verzekeraar welwillend om mee te denken. En konden de patiënten dichtbij huis behandeld worden, in hun vertrouwde omgeving, door de specialisten die ze kenden. Dit was voor deze mensen, in deze moeilijke fase, van grote waarde.”

Het grote belang van zelfkennis 
De visie van OncoZON is dichtbij huis waar het kan, centraal als het moet. Vivianne: “Het is volstrekt logisch dat niet ieder ziekenhuis van ieder type kanker iedere behandeling kan doen. Als je vanuit betrokkenheid samenwerkt, is dat ook niet nodig. Voorwaarde is dat je als ziekenhuis van jezelf weet wat je kunt en wat buiten je expertise ligt. Zelfkennis is van levensbelang, net als het toelaten van de expertise van de ander. Bovenstaand voorbeeld laat ook goed zien hoe goed we elkaar versterken in de eigen ziekenhuizen. Vanuit betrokkenheid bij de patiënt is soms meer mogelijk dan je misschien op basis van volume zou denken. We moeten altijd redeneren vanuit de inhoud.” 

Op de agenda
Terug naar 2009. “Wat nu precies oorzaak en gevolg is, is niet meer te achterhalen”, blikt Vivianne terug. “Maar terwijl we in onze regio de gesprekken voerden, werd er ook landelijk gesproken over de snelle ontwikkelingen binnen de oncologie en hoe de beste zorg voor alle patiënten beschikbaar kon blijven. Er werd over gedacht om alle oncologische zorg te concentreren in een beperkt aantal oncologische centra. Dit riep veel weerstand op. Op dat moment was Guy Peeters voorzitter van de Raad van Bestuur van Maastricht UMC+ en van de NFU, de Nederlandse Federatie van Universitaire ziekenhuizen. Er werd een NFU ‘Werkgroep Oncologie’ opgericht met vertegenwoordiging vanuit alle UMC’s en het Antoni van Leeuwenhoek. Vivianne vertegenwoordigde het Zuiden. Het onderwerp kwam via deze route hoog op de agenda, met netwerkvorming als vernieuwend alternatief.”

Maatschappelijke functie 
De noodzaak tot samenwerking was duidelijk. En op papier waren de voordelen helder: geen versnippering van zorg, meer innovatie- en denkkracht, meer middelen, en voor iedere patiënt, ongeacht woonplaats, de best mogelijke zorg. Maar om dit in de praktijk met tien partijen in Zuidoost-Nederland te organiseren, was weerbarstig. Ieder ziekenhuis had zijn eigen werkwijzen en zijn eigen scepsis. Één-op-één samenwerking vond al plaats en er werd al overlegd en zo nodig doorverwezen. Waarom zou je nog meer doen? Vivianne: “Omdat je een maatschappelijke functie hebt en die reikt verder dan jouw ziekenhuis of werkgebied. We wilden de samenwerking breder neerzetten en stevig verankeren.” 

Vivianne Tjan Heijnen

Vliegwiel 
De samenwerking tussen Máxima MC en Maastricht UMC+ werkte als een vliegwiel. Art: “De samenwerking verliep heel goed en werkte aanstekelijk. In de jaren die volgden sloten alle andere ziekenhuizen in hun eigen tempo aan”. Vivianne: “In plaats van iedereen tegelijkertijd over de streep te trekken, accepteerden we dat iedereen zijn eigen tempo had. Dat was niet erg. Door de gesprekken met elkaar te blijven voeren werden de ideeën alleen maar beter en door elkaar de tijd te geven, groeide het enthousiasme.” Art: “Ik weet nog goed dat op 12 mei 2015 de allereerste OncoZON bijeenkomst werd gehouden met de borstkankerwerkgroep. En hoe we daarna onze visie vastlegden in een website. Wat waren we trots! Het was gelukt! We zijn geen concurrenten. Als je over je eigen schaduw heen stapt, gaat er een wereld aan kansen voor je open.” 

Unieke samenwerking
Daarna ging het rap: voor alle tumortypen werden werkgroepen opgericht, protocollen afgestemd en kennis gedeeld. Ook bestuurlijk en juridisch werd de samenwerking afgetimmerd. Vivianne: “Eind 2020 zijn de laatste handtekeningen gezet. En daarmee hebben we een unieke samenwerking in handen met tien gelijkwaardige partners met dezelfde missie: de beste oncologische zorg voor iedere patiënt in Zuidoost-Nederland.” 

Prof. dr. Vivianne Tjan-Heijnen (1964) is internist-oncoloog. Ze is hoofd van de Medische Oncologie (> sept 2006) en voorzitter van het borstkankerteam van het Maastricht UMC+. Ze was de initiatiefnemer van OncoZON en ruim 6 jaar voorzitter van het regionale OncoZON borstkankerteam.

Dr. Art Vreugdenhil werkt als internist-oncoloog binnen Máxima Oncologisch Centrum dagelijks samen met collega-oncologen, plastisch chirurgen en verpleegkundig specialisten aan de beste zorg voor patiënten met kanker. Zijn aandachtsgebieden zijn Melanoom, Urologie en Palliatieve zorg. 

Sluit de enquête