Terug

Dr. S.O. Breukink

Chirurg-oncoloog

Anuskanker|Dikkedarmkanker|Dunne darmkanker|Endeldarmkanker|Maagkanker|Slokdarmkanker

Aandachtsgebieden

Goed- en kwaadaardige aandoeningen aan de dunne, dikke en endeldarm.

Contact

T. 043-3876400
E. poli.oncologiecentrum@mumc.nl

Curriculum Vitae


Sinds 2009 werk ik als chirurg in het Maastricht UMC+. Na mijn algemene opleiding tot chirurg in Nederland heb ik een fellowship maag-, darm-, en leverchirurgie gedaan in Adelaide (Australië). Daarna heb ik me toegelegd op de behandeling van patiënten met zowel goed- als kwaadaardige aandoeningen aan de dunne, dikke en endeldarm. Een van mijn speciale aandachtsgebieden is de laparoscopie. Daarbij voer je de operatie niet uit via een grotere snee maar via een kleine opening in de buik waardoorheen een camera wordt ingebracht. Deze 'kijkoperaties' zijn minder belastend voor de patiënt, waardoor de patiënt sneller kan herstellen.

Bij het uitstippelen van de behandeling hecht ik veel waarde aan de gevolgen van de behandeling voor de kwaliteit van leven van de patiënt. Wat zijn de behandelmogelijkheden voor de patiënt, wat kan de patiënt nog aan en wat verwacht de patiënt nog van het leven? Hiermee rekening houdend probeer ik samen met de patiënt te kiezen voor een zodanige behandeling dat er een optimale balans ontstaat tussen enerzijds de kansen op genezing of afname van de klachten en anderzijds de kwaliteit van leven na de behandeling.

In het Maastricht UMC+ ben ik de hoofdverantwoordelijke voor de multidisciplinaire zorglijn dikke darmkanker. Door met collega's uit verschillende vakgebieden nauw samen te werken, proberen we de best mogelijke zorg te bieden voor de patiënt met behoud van zoveel mogelijk kwaliteit van leven. Naast de patiëntenzorg doe ik wetenschappelijk onderzoek naar het effect van nieuwe (oncologische) therapieën voor darm- en anusaandoeningen. Hierbij kijk ik onder andere naar de invloed van nieuwe behandeltechnieken op de kwaliteit van leven van de patiënt. De onderzoeksuitkomsten gebruiken we om onze patiënten nog beter te begeleiden bij het maken van individuele keuzes ten aanzien van de behandeling.