Galblaaskanker

Diagnostiek

De diagnostiek levert informatie over het stadium van de ziekte. Galblaaskanker is ingedeeld op basis van de mate waarin de tumor is doorgegroeid in de galblaaswand, de lever en/of de bloedvaten; en of er uitzaaiingen zijn naar de lymfeklieren en/of de weefsels rondom de galblaas, zoals de maag, twaalfvingerige darm en buikvlies.

  • De tumor is beperkt tot de galblaaswand: stadium I;
  • De tumor is beperkt tot het omliggende weefsel: stadium II;
  • De tumor is lokaal uitgebreid, met mogelijk doorgroei in de lever en/of één andere structuur buiten de lever, maar groeit nog niet in belangrijke bloedvaten in de lever of in diverse structuren buiten de lever: stadium III;
  • De tumor groeit in belangrijke bloedvaten in de lever, heeft uitzaaiingen in lymfeklieren buiten het lokale gebied van de galblaas of groeit (door) in twee of meer organen of structuren buiten de lever: stadium IV.
  • CT-scan (computertomografie)

    Bij een CT-scan worden er met behulp van röntgenstraling meerdere dwarsdoorsnede foto's van weefsel en organen in het lichaam gemaakt. Tijdens het onderzoek wordt u liggend op een beweegbare tafel door een ronde opening geschoven. Het apparaat maakt, terwijl de tafel verschuift, een serie foto's, waarop "plakjes" van het weefsel of organen staan afgebeeld. Deze foto's kunnen met behulp van een computer een beeld geven van een mogelijke tumor. Deze beelden worden achteraf beoordeeld door de radioloog.
    Voor een CT-scan is een lage dosis röntgenstraling nodig, waardoor het risico van bijwerkingen gering is. Het onderzoek vindt plaats op de afdeling radiologie.

  • Echografie

    Een vaak uitgevoerd onderzoek is een echografie.

    Een echografie maakt de organen in het lichaam zichtbaar via geluidsgolven. Deze geluidsgolven worden omgezet in bewegende beelden en uitgezonden en opgevangen via een transducer, die over de huid wordt bewogen. Van deze beelden maakt de radioloog foto’s. Voor het onderzoek wordt u gevraagd op een onderzoekstafel te gaan zitten of liggen. De radioloog doet wat gel op uw huid om het contact tussen de transducer en uw huid te verbeteren. De radioloog beweegt de transducer en tegelijkertijd bestudeert hij of zij de beelden op het beeldscherm. Het onderzoek duurt tussen de 10 en 30 minuten en vindt plaats op de afdeling radiologie. 

  • Endoscopisch Retrograde Cholangio- en Pancreaticografie (ERPC)

    Een ERCP is een kijkonderzoek om te bepalen of er sprake is van een afsluiting van de galgang of van de afvoergang van de alvleesklier.

    Een ERCP is een onderzoek waarbij de arts met een endoscoop (een flexibele buis) met daaraan een kleine camera de afsluiting van de galwegen bekijkt. Van eventueel aanwezige afwijkingen neemt de arts een stukje weefsel (biopt) weg voor onderzoek door de patholoog. Dit onderzoek vindt plaats op de afdeling endoscopie.

  • Magnetische Resonantie Cholangio Pancreaticografie (MRCP)

    Een MRCP is een MRI-scan voor alvleesklier en galwegen.

    Met een MRI-scan worden afbeeldingen gemaakt van organen en weefsels. Door radiogolven in combinatie met een grote, sterke magneet ontstaan signalen in het lichaam die de computer weer opvangt en verwerkt tot een afbeelding. Een MRI is een grote magneet waar u helemaal ingeschoven wordt. U ligt als ware in een soort tunnel. Het is belangrijk dat u tijdens de scan stil ligt en ontspant.  Dit onderzoek vindt plaats op de afdeling radiologie.